Jaap van Manen

Accountancy en corruptie zijn als water en vuur

Door Jaap van Manen,

Dit stuk is tevens gepubliceerd op 21 augustus in het Financieele Dagblad.

We kunnen gebruik maken van de Ruslandcrisis. Bij het internationaal zakendoen horen politieke risico’s. Vandaag gaat het over Rusland, gisteren ging het over Libië en morgen gaat het misschien wel over China. Het grote probleem met het internationaal zakendoen is dat er meer landen zijn met een hoge mate van corruptie dan dat er landen zijn met weinig corruptie. Landen zonder corruptie bestaan trouwens niet, zie de website van Transparency International.

Voor de mensen die zakendoen met landen met corrupte machthebbers is het vinden van manieren om enerzijds te voldoen aan de normen van de eigen goedwillende onderneming en anderzijds aan de eisen van de corrupte machthebbers een ingewikkelde vorm van balanceren. Een belangrijke complicatie van het zakendoen in een corrupt land is dan ook dat de schimmigheid van dat zakendoen ten koste kan gaan van de in de eigen onderneming nagestreefde transparantie. Internationaal werkende aannemers en hun accountants kunnen erover meepraten, om maar een paar voorbeelden te noemen. Tegelijkertijd hoort bij internationaal zakendoen respect voor cultuurverschillen. Mensen uit minder corrupte landen realiseren zich dat hun land en de daar gevestigde ondernemingen ook niet vrij zijn van corruptie. Vermeende morele superioriteit is daarom ongepast.

Toch kunnen grote problemen, zoals armoede en overbelasting van onze planeet, slechts opgelost worden door samenwerking van diverse staten. Dat betekent dat ook voor het nastreven van nobele doelen zaken moet worden gedaan met corrupte machthebbers. In zekere zin compromitteren we ons dus allemaal. Bij dat compromitteren hoort ook wegkijken. We denken graag dat de organisatie waar wij werken of het land waarin wij wonen niet meegaat in de compromissen met corrupte machthebbers. En omdat corruptie zich afspeelt in het geniep kan dat wegkijken min of meer structureel zijn. Als wij al worden geconfronteerd met corruptie, bijvoorbeeld omdat een onderneming met een uitstekende reputatie zich schuldig blijkt te maken aan het betalen van steekpenningen, dan behandelen we dat als een incident waarbij we niet rusten tot de schuldigen zijn aangewezen en gestraft. Wij zijn immers tegen corruptie.

Het lijkt er op dat het corruptieprobleem in deze wereld zo groot is, dat we een discussie over de dilemma’s die voortvloeien uit de noodzaak om zaken te doen met corrupte machthebbers uit de weg gaan. Het dilemma tussen enerzijds genoeg olie, genoeg goedkope arbeidskrachten en voldoende exportmogelijkheden en anderzijds het afwijzen van het sluiten van compromissen met foute regimes wordt onvoldoende onderkend en geadresseerd. Wegkijken betekent dat de corrupte machthebbers wat ons betreft hun gang kunnen gaan. Het verschijnsel moet wel bestreden worden, maar liever niet door onszelf. Het internationale bedrijfsleven zou de crisis in de relatie met Rusland moeten aangrijpen om de bestrijding van corruptie veel hoger op de agenda te zetten dan tot nu toe heeft plaatsgevonden.

In mijn gedachtegang kunnen de grote internationale accountantskantoren een belangrijke rol spelen. Multinationale ondernemingen kunnen niet zonder multinationale accountants. Dit gegeven leidt soms tot een spannende botsing van krachten. De regimes kunnen onredelijke eisen stellen aan de accountants en de accountants kunnen weigeren daarop in te gaan. Daarbij helpt het dat er slechts vier spelers zijn met een betekenisvolle afdekking van vrijwel de hele wereld. Ze hebben dus een machtspositie. Die positie kan worden gebruikt om de compromissen nog enigszins acceptabel te laten zijn. Voor mij staat het vast dat het vooral ook in het belang is van de internationale accountantskantoren dat corruptie met succes bestreden wordt. Accountancy en corruptie zijn als water en vuur. In wezen kan een accountantskantoor een machtig wapen zijn in de strijd tegen corruptie. Maar het wapen is nog niet machtig genoeg gebleken en men mag niet van accountants vragen om het probleem op te lossen zonder de medewerking van de goedwillende regeringen en ondernemingen. Er is dus nog een lange weg te gaan en het is de vraag of de strijd gewonnen kan worden. Daarmee hoef ik alleen maar te wijzen op de beperktheid van het succes tot nu toe en de corruptie in steeds machtiger wordende landen. De verschuivende macht in de wereldeconomie is slecht nieuws voor de tegenstanders van corruptie.