Jaap van Manen

Accountant kan voorbeeld nemen aan commissaris

door Jaap van Manen,

Commissarissen lijken verstandiger te zijn dan accountants. Dat is voor mij als voormalig accountant een pijnlijke constatering. Er zijn ondernemingen, zelfs beursfondsen, waar ernstige hiaten voorkomen in de interne beheersing. Ook zijn er ondernemingen met cultuurproblemen. Voor accountants kunnen cliënten met hiaten in de interne beheersing en in de cultuur een buitengewone giftige combinatie blijken.

Zolang als ik accountant ben geweest heb ik mij er altijd over verbaasd dat iedere onderneming een accountant kan vinden. Je zou eigenlijk kunnen zeggen dat we geen AFM nodig hebben om vast te stellen dat er iets niet goed zit in de beroepsgroep accountants.

Zolang iedere onderneming een accountant kan vinden is er minstens een kantoor dat niet kritisch genoeg is bij het accepteren en continueren van nieuwe opdrachten. Inmiddels weten we mede dankzij de AFM dat er ernstige kwaliteitsproblemen zijn bij de accountantskantoren.

Ik denk dat die organisaties er goed aan doen te kijken naar de commissarissen van beursfondsen. De AFM heeft een groot aantal vooraanstaande commissarissen, allen lid of voorzitter bij een audit commissie bij een of meer beursfondsen, bevraagd. Deze commissarissen gaven aan dat zij zich alvorens een commissariaat te accepteren verdiepten in onder meer de betrouwbaarheid van het bestuur. Als zij het bestuur niet vertrouwen dan accepteren zij het commissariaat niet, zo zeiden zij. Geweldig, die onafhankelijkheid.

Accountants stellen graag dat zij zelf onafhankelijk zijn. Zij zien dat als een verplichting. Die benadering gaat mij steeds meer tegen staan. Volgende maand vieren wij dat Nederland alweer 70 jaar geleden onafhankelijk is geworden. Vrijheid blijheid. Accountants zouden er goed aan doen om de commissarissen te volgen in de onafhankelijke opstelling. Mijn advies aan accountantsorganisaties: maak een 'ranking' van alle cliënten. Bovenaan staan de cliënten met de meest gezonde cultuur waar het aankomt op verantwoordelijkheid dragen en verantwoording afleggen. Onderaan staan de cliënten die op het punt van de cultuur het slechtste scoren.

Een andere benadering zou kunnen zijn: maak een 'ranking' op basis van betrouwbaarheid van het bestuur van de cliënt. Een belangrijke indicatie is de houding die de cliënten aannemen ten opzichte van de kritiek van de accountants, bijvoorbeeld op het gebied van hiaten in de interne beheersing. Het lezen van informatie over de onderneming en het voeren van gesprekken met allerhande functionarissen van de onderneming maakt het plaatje compleet. Een logische volgende stap lijkt mij dat de slechtst scorende cliënten geen cliënt mogen blijven.

Men zou bijvoorbeeld kunnen denken aan een streefcijfer van jaarlijks 10% procent. Zo’n percentage kan later wellicht naar beneden. Dat zou kunnen betekenen dat jaarlijks een op de tien cliënten hoort dat men geen cliënt meer mag blijven. Het is geweldig om bij accountantskantoren te werken die het lef hebben om deze strategie te kiezen. En het is voor de cliënten die mogen blijven op termijn ook veel beter. De reputatie van de accountant gaat omhoog en dat straalt af op de cliënten.
Accountantskantoren kennen procedures voor het accepteren en continueren van opdrachten. Cliënten worden al afgewezen op grond van min of meer bewezen onbetrouwbaarheid, maar het kan volgens mij veel krachtiger. Maak van onafhankelijkheid een feest zou ik zeggen.

Het is overigens niet eenvoudig om een cliënt de deur te wijzen. Training in en ervaring met slecht nieuwsgesprekken is beslist noodzakelijk voor degenen die de boodschap gaan brengen.

Tenslotte nog het volgende, uiteindelijk kan iedere onderneming wel een commissaris vinden. Organisaties met een onbetrouwbaar bestuur zullen genoegen moeten nemen met een commissaris van de tweede of derde garnituur. Dat lijkt mij een interessant signaal voor aandeelhouders en andere belanghebbenden. De markt voor accountantscontrole wordt gedomineerd door vier grote spelers. Voor buitenstaanders is het niet eenvoudig om de verschillen te zien. Ik denk dat het accountantskantoor dat als eerste selectiviteit leidend laat zijn in het beleid (dus geen lippendienst), zich zichtbaar zal onderscheiden van de concurrentie.

Strategisch handelen vraagt om moed.