Jaap van Manen

Grenzeloos optimisme

door Jaap van Manen,

Dit stuk is tevens gepubliceerd op 21 november in het Financieele Dagblad.

Europa wordt geleid door mensen die de Koude Oorlog hebben meegemaakt. Die oorlog is voor ons goed afgelopen. De Verenigde Staten en Europa zijn de overwinnaars evenals veel mensen in het Oostblok van destijds. Gedurende de Koude Oorlog hielden de meeste bewoners van Europa rekening met een ramp van ongekende omvang. Men wist dat serieus rekening gehouden moest worden met een kernoorlog waarvan de gevolgen vele malen erger zouden zijn dan van de Tweede Wereldoorlog, ook al ging die gepaard met miljoenen slachtoffers. Het lijkt er op dat het einde van de Koude Oorlog de leiders van Europa het gevoel heeft gegeven dat het ook in de toekomst allemaal wel zou meevallen. Onze leiders weten dat onze zeespiegel stijgt en dat het water van de rivieren tot onhoudbare hoogte kan stijgen. Onze leiders weten dat de banken onvoldoende werk maken van maatregelen die een nieuwe bankencrisis moet voorkomen. Ook weten onze leiders dat er een grote, kwade kans is dat de euro binnen afzienbare tijd uiteen valt. Verder weten zij dat in grote delen van Europa armoede en een gebrek aan perspectief de mensen in de armen jagen van extremisme en nationalisme. Daarbij komt dat de Russische buurman van Europa duidelijk signalen afgeeft dat de grens van het vrije westen in zijn ogen te veel is opgeschoven in de richting van Moskou.

Mijn verstand zegt mij dat een ramp in Europa zeer goed mogelijk is, nu of in de nabije toekomst. Dat kan een natuurramp zijn, een economische ramp of een oorlog. Een combinatie is ook goed voor te stellen. Tegelijkertijd betrap ik mezelf er op dat ik denk dat het wel zal meevallen. Het is wat dubbel, maar het is ook goed om niet teveel te piekeren over wat er allemaal mis kan gaan. Evenzo is het van betekenis om de dingen te doen die een ramp kunnen voorkomen. Aan dat laatste heeft het tot nu toe geschort. We hebben toegestaan dat regeringsleiders van Europa omstandigheden creëerden die rampspoed oproepen en stimuleren. Overmoed en zelfs roekeloosheid zijn de kwalificaties die zowel aan de Europese Unie als aan de NATO zijn toe te kennen. De NATO en de Europese Unie rukken op in de richting van Moskou. De leden van de Warschaupact, met uitzondering van Rusland, sterker nog de leden van de oorspronkelijke Sovjet Unie, alweer met uitzondering van Rusland, mogen rekenen op een welkom als zij aansluiting of samenwerking zoeken met de NATO of Europese Unie. Daarmee wordt Rusland geïsoleerd en in zekere zin geprovoceerd. Dat hoeven wij zelf niet zo te beleven, maar het is wel de waarheid voor de leider in Rusland en de bevolking aldaar. Op zijn minst kan worden gezegd dat wij de Russen hebben uitgedaagd. De defensie in Europa is tegelijkertijd vergaand in slagkracht teruggebracht en heeft een taak erbij gekregen als politieagent bij brandhaarden buiten Europa. Onze leiders doen nu alsof we de problemen met Rusland kunnen oplossen met economische sancties die behalve Rusland ook onszelf treffen. Het gevolg is een ernstige bedreiging van ons economische herstel.

Een andere uiting van onze grenzeloze optimisme is de invoering geweest van de euro zonder dat wij het eens waren over de manier waarop wij het economisch beleid kunnen coördineren. Het inzicht omtrent een economisch beleid ten aanzien van maximaal wenselijke inflatie en een maximaal begrotingstekort is tot achter de komma vastgelegd. Er is sprake van een overeenkomst die de keuzevrijheid van democratisch gekozen en nog te kiezen politici ernstig inperkt. De invloed van de kiezers op het economisch beleid is daarmee tot het minimum beperkt, met alle gevolgen van dien voor de redelijkheid van diezelfde kiezers.

De expansie naar het Oosten en de voortijdige invoering van de euro zijn niet terug te draaien. De goede bedoelingen van beide ingrepen zijn wat mij betreft onomstreden, maar we moeten nu wel handelen. We zullen op zoek moeten naar een sterkere coördinatie en een sterkere democratisering van het beleid in Europa. Het wordt tijd dat wij in Europa tot onze zinnen komen. Leiders die hun stokpaardjes blijven berijden kunnen wij daarbij niet gebruiken. Hetzelfde geldt voor leiders die alleen maar kijken naar de wensen van hun eigen kiezers en het belang van een veilig en welvarend Europa daaraan ondergeschikt maken. Een staatsman onderzoekt de wensen van de kiezers maar laat zich leiden door de belangen van de kiezers. Een veilig en welvarend Europa is in het belang van alle kiezers.