Albert Jan Stam

Naar een duurzaam integere cultuur

Door Albert Jan Stam,

Integriteit kun je managen en besturen. Je kunt er ook toezicht op houden. Wanneer je dat niet doet, zijn de risico’s groot. Reputatieschade is daar het meest in het oog springende van. Een bedrijf dat geassocieerd wordt met fraude, omkoping of manipulatie verliest zijn goede naam en daalt in waarde voor de aandeelhouder. Een pregnanter risico is het verlies van legitimiteit. Als een organisatie dingen doet die in strijd zijn met haar missie, staat het bestaansrecht op de tocht. Tenslotte is er nog het risico van het verlies van de persoonlijke waardigheid. Handel en wandel druisen dan in tegen waar je als individu persoonlijk voor staat en waar je dus niet mee geassocieerd wilt worden.

Naast onder andere performance is integriteit dus essentieel voor het succes van een organisatie. Sterker, divers onderzoek laat zien dat er een positief verband bestaat tussen integer leiderschap en de prestaties van een bedrijf.

Wat verstaan wij onder integriteit? Integriteit heeft te maken met congruentie van waarden, normen en gedrag, waarbij gestreefd wordt recht te doen aan betrokken belang- en rechthebbenden. Integriteit is geen kwestie van dualiteit (dat je het óf helemaal bent óf helemaal niet) maar een kwestie van persoonlijkheid en vaardigheid. Integriteit opgevat als persoonlijkheidseigenschap drukt de mate uit waarin iemand bijvoorbeeld oprecht en rechtvaardig is. Bezien als vaardigheid is integriteit een bedrevenheid die geoefend, gecultiveerd en uitgedragen wordt. Met andere woorden, je hebt er in bepaalde mate aanleg voor en kunt je erin bekwamen. Je kunt dus meer of minder integer zijn (zoals je in meer of mindere mate muzikaal kunt zijn).

Dit inzicht maakt het mogelijk om met integriteit in een organisatie aan de slag te gaan. Daarbij komt het aan op morele karaktervorming en morele gemeenschapsvorming. Met andere woorden: het gaat dan over de integriteit van de manager of bestuurder zelf en over het managen of besturen van de integriteit in de organisatie.

Het diagram hieronder geeft dat weer en kan een bestuurder of toezichthouder helpen inzicht te krijgen in de volwassenheid van de organisatie op het gebied van integriteit.

Afbeelding3.png

Bron: naar Ronald Jeurissen

Wil een organisatie werk maken van een duurzaam integere cultuur, dan is het dus zaak om langs beide assen te werken: het vergroten van de morele sensitiviteit van bestuurders en managers en het adequaat inrichten van de besturing van integriteit.

Een adequate integriteitsinfrastructuur helpt daarbij. Uit internationaal wetenschappelijk onderzoek (Muel Kaptein) blijkt dat de meest effectieve programma’s de volgende acht componenten bevatten die bij voorkeur in onderstaande volgorde ter hand dienen te worden genomen:

(1) Een code of conduct schept helderheid, kweekt commitment door inspirerende door de organisatie zelf geformuleerde waarden en faciliteert de dialoog over dilemma's. Overigens is een code of conduct op zichzelf niets, het proces van het opstellen en het gesprek erover zijn vele malen belangrijker. De code of conduct is weliswaar de hoeksteen, maar moet ondersteund worden door de overige componenten.

(2) De integriteitsfunctionaris of integriteitsafdeling ondersteunt en vergroot het functioneren van het ethiekprogramma. Hij of zij is initiator, motivator, coördinator, facilitator, communicator, adviseur, mediator en coach.

(3) Training en communicatie hebben tot doel de code of conduct te verhelderen en helpen bij het ontwikkelen van morele sensitiviteit, morele beeld-, oordeels- en besluitvorming en bij het vertonen van integer gedrag.

(4) Accountability betreft het afleggen van verantwoording over niet integer gedrag van management en medewerkers.

(5) Monitoring en auditing dienen ertoe om zicht te krijgen op hoe het daadwerkelijk met de integriteit in de organisatie is gesteld. Niet integer gedrag is op een veertigtal items van immoreel gedrag te meten en schaalbaar. Een minder ‘hard’ assessment biedt een belevingsmonitor integriteit.

(6) Onderzoek en disciplinaire maatregelen betreffen adequate acties met betrekking tot het onderzoeken van misstanden en beschuldigingen van niet integer gedrag.

(7) Een rapporteerlijn misstanden voorziet in bijvoorbeeld een telefoonnummer, website, app, en/of emailadres en heeft tot doel het stimuleren van discussie en is tevens meldpunt van niet integer gedrag.

(8) Stimulerings- en onderhoudsprogramma’s integer gedrag hebben tot doel blijvend aandacht voor de code of conduct en gewenst gedrag te houden en deze integriteitsinfrastructuur bij de tijd te houden.

Aan integriteit kun je dus werken door zowel aandacht te hebben voor de integriteit van het bestuur en het management zelf als voor het managen van integriteit. Het ontwikkelen, invoeren en onderhouden van een integriteitsinfrastructuur draagt aan beide bij en is onmisbaar in een organisatie die performance, reputatie, legitimiteit en waardigheid hoog in het vaandel draagt.