1 februari 2022

Waarom niet-OOB kantoren zich niet moeten laten verrassen door veranderingen in toezicht en de Wta

Per 1 januari vallen ook niet OOB-accountantskantoren onder direct toezicht van de AFM. Na de installatie van het nieuwe kabinet zal ook het wetsvoorstel met belangrijke aanpassingen in de WTA aangenomen en ingevoerd worden. Dit heeft grondige impact op alle niet-OOB-kantoren. Een puur juridische aanpassing is onvoldoende, betogen ervaringsdeskundigen Arno Pouw en Erik van der Zee. ‘Om de werkwijzen en cultuur te veranderen en te borgen dat voldaan wordt aan veeleisende regelgeving, is meer inspanning nodig.’

Onder het nu ingegane directe toezicht en de t.z.t. aangepaste wet vallen alle niet-OOB-accountantskantoren, die meer dan 150 wettelijke controles per jaar uitvoeren en daarmee meer dan € 3 miljoen omzet per jaar genereren. Het voorstel ziet op de wijzigingen van een drietal wetten:

  • Wet op het accountantsberoep;
  • Wet toezicht accountantsorganisaties;
  • Wet tuchtrechtspraak accountants.

De belangrijkste implicaties van de eerste twee genoemde wetwijzigingen zijn als volgt:

Wet op het accountantsberoep

(a) De minister van Financiën heeft de verplichting om kwaliteitsindicatoren (oftewel audit quality indicators) vast te stellen, waarbij een accountantsorganisatie die wettelijke controles uitvoert de verplichting heeft om op basis van die indicatoren over haar prestaties te rapporteren aan de NBA als beroepsorganisatie. De NBA heeft de verplichting om de verkregen informatie en de informatie die zij zelf reeds onder zich heeft openbaar te maken.

(b) De NBA krijgt de mogelijkheid om een accountantsorganisatie aan te wijzen om verplicht een wettelijke controle uit te voeren bij een onderneming of instelling.

Tenslotte krijgt de AFM de bevoegdheid om een last onder dwangsom of bestuurlijke boete op te leggen aan een accountantsorganisatie als zij niet voldoet aan (a) of (b).

Op de door de minister in consultatie gebrachte audit quality indicators (aqi’s) zijn door de NBA en vele anderen schriftelijk de nodige kanttekeningen geplaatst. Zo zouden bijvoorbeeld doel en doelgroep niet helder zijn, de aqi’s onvoldoende zijn gedifferentieerd naar verschillende typen accountantsorganisaties en de validiteit van sommige aqi’s roepen vragen op.

 

Wat zijn de aandachtspunten bij rapportage over aqi’s?

 Naar verwachting zal het voor accountantsorganisaties wettelijk verplicht zijn om al in 2023 te rapporteren over de aqi’s. Dit geeft de accountantskantoren weinig tijd om rapportages en dashboards in te richten en de benodigde informatie te aggregeren op organisatieniveau.

Naast de inhoudelijk, op traditionele supervisie per dossier gebaseerde kwaliteitsbewaking zullen accountantskantoren ook een procesmatig kwaliteitsmanagement en rapportages met kwaliteitsindicatoren dienen in te voeren.

Het blijkt dat de AFM specifieke controlemethoden heeft, waar een accountantskantoor van meet af aan rekening mee moet houden. Deze kenmerken zich door data-gedreven en selecte steekproeven en het verbinden van grote gevolgen aan tekortkomingen. Niet alleen de dossiers maar ook het eigen kwaliteitsmanagement wordt beoordeeld door de AFM.

 

Wet toezicht accountantsorganisaties

Feitelijk worden de betreffende accountantsorganisaties verplicht hun interne toezicht op gelijke wijze in te richten als OOB-vergunninghouders. Dat betekent het instellen van een Raad van Commissarissen (RvC) met een groot aantal bevoegdheden die horen bij de werkgever-, klankbord- en toezicht rol. Bestuurders en commissarissen zullen door de AFM getoetst worden op geschiktheid.

Voor veel, zo niet alle, desbetreffende accountantsorganisaties zullen de maatregelen een verschuiving betekenen van de bevoegdheden van de partnervergadering naar de RvC. Ook bij een reeds bestaande RvC zullen de bevoegdheden verruimd worden.

 

Wat zijn de gevolgen van het verleggen van bevoegdheden naar een RvC?

Het vertalen van wettelijke en toezichtnormen naar interne statuten en reglementen is een eerste vereiste. Een puur juridische insteek volstaat echter niet. Het aanpassen van de werkwijzen en cultuur, en ook het werken met commissarissen vergt een grotere en bredere inspanning. Het is verstandig om in 2022 grondige strategische en organisatorische veranderingen door te voeren.

Voor de partners en aandeelhouders (AVA) verandert er veel in de overgang in governance naar een belangrijke rol voor de RvC. Zo gaat, bijvoorbeeld, in plaats van de partners, de RvC over de benoeming, beoordeling en beloning van het bestuur.

 

Tot slot

Hat veranderde toezicht en de toekomstige,  aangescherpte wetgeving zijn zeer impactvol.  De gouden middenweg vinden tussen cliënten goed en toegespitst blijven bedienen en voldoen aan strenge regels blijkt in de praktijk een leerproces. Ervaringen met diverse instellingen in de accountancysector en ook in de financiële sector maken duidelijk waar de AFM op focust. In een volgend artikel zullen wij ingaan op de governance en praktische implicaties.